Kort antwoord
Hoeveel u vergunningvrij mag uitbouwen hangt af van de grootte van uw bebouwingsgebied, niet van een vast aantal vierkante meters. Tot 100 m² bebouwingsgebied mag u 50% bebouwen; tussen 100 en 300 m² is dat 50 m² plus 20% van het deel boven 100 m²; boven 300 m² is het 90 m² plus 10% van het deel boven 300 m², met een maximum van 150 m². Een al aanwezige schuur of eerdere uitbouw telt mee.
Er is geen vast aantal vierkante meters
De vraag 'hoeveel m² mag ik uitbouwen zonder vergunning' heeft geen vast antwoord zoals '30 m²'. Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) werkt met een percentage van uw bebouwingsgebied: het achtererfgebied plus het deel van het hoofdgebouw dat niet tot het oorspronkelijke hoofdgebouw hoort. Hoe groter dat gebied, hoe meer u mag bebouwen, maar het percentage loopt af naarmate het perceel groter is.
Alles wat in dat gebied staat telt mee: de uitbouw die u wilt, maar ook een bestaande schuur, een overkapping met dak, een eerder gebouwde uitbouw en een vrijstaand bijgebouw. Een losse pergola zonder dak telt niet mee; een carport wel. Dat is de reden waarom twee buren met dezelfde woning een verschillend antwoord kunnen krijgen.
De rekenregel uit het Bbl
De regel staat in artikel 2.29 van het Bbl bij de vergunningvrije bijbehorende bouwwerken. In gewone woorden komt het op de volgende drie treden neer.
Schuif opzij voor de hele tabel →
Wat is het bebouwingsgebied precies?
Het achtererfgebied is het erf achter de woning en het deel naast de woning dat meer dan 1 meter achter de voorgevel ligt, voor zover dat niet grenst aan openbaar gebied (een straat, pad of plantsoen). Bij een hoekwoning met de zijgevel aan de straat valt de zijtuin daardoor vaak buiten het achtererfgebied, en dus buiten het vergunningvrije gebied.
Het bebouwingsgebied is dat achtererfgebied plús het oppervlak van het hoofdgebouw voor zover dat niet tot het oorspronkelijke hoofdgebouw hoort, bijvoorbeeld een uitbouw die er al stond toen u het huis kocht. De oppervlakte van het oorspronkelijke huis zelf telt dus niet mee in het gebied, maar een latere uitbouw wel, zowel bij het gebied als bij de bebouwing.
Drie rekenvoorbeelden
Voorbeeld 1: een tussenwoning met een achtertuin van 5,5 bij 10 meter (55 m²) en een schuur van 6 m². Het bebouwingsgebied is 55 m², dus 50% is 27,5 m². Min de schuur blijft 21,5 m² over. Een uitbouw van 4 meter diep over de volle breedte (22 m²) past net niet; 3,9 meter of een iets smallere uitbouw wel. In de praktijk is dit precies het soort rekensom waar een uitbouw op afketst, of waar de schuur voor wordt weggehaald.
Voorbeeld 2: een hoekwoning met een achtertuin van 120 m² en een zijtuin van 30 m² die aan de straat grenst. De zijtuin telt niet mee. Bebouwingsgebied 120 m², dus 50 m² plus 20% van 20 m² = 54 m². Met een schuur van 10 m² blijft 44 m² over voor de uitbouw: ruim voldoende voor 4 meter diep.
Voorbeeld 3: een vrijstaande woning op een perceel met 400 m² achtererf en een garage van 30 m². Maximaal 90 + 10 = 100 m². Min de garage blijft 70 m² over. Let op: ook hier geldt de dieptegrens van 4 meter voor het deel dat tegen de woning aan komt en de hoogtegrens van 5 meter; voor een vrijstaand bijgebouw gelden weer andere maten.
De andere maten die meetellen
Het bebouwingspercentage is één van de voorwaarden. Een vergunningvrije uitbouw moet daarnaast op de grond staan, binnen 4 meter vanaf de oorspronkelijke achtergevel blijven, niet hoger zijn dan 5 meter en niet hoger dan ongeveer 30 centimeter boven de verdiepingsvloer, geen dakterras of balkon krijgen en minstens 1 meter achter de voorgevel beginnen als hij aan de zijkant zit. Bij een rijksmonument, een gemeentelijk monument of in een beschermd stads- of dorpsgezicht gelden de vergunningvrije regels niet of maar beperkt.
Verder blijft het omgevingsplan van uw gemeente gelden. Gemeenten mogen in het omgevingsplan regels stellen die de landelijke vergunningvrije ruimte beperken, bijvoorbeeld in een wijk met een bijzonder stedenbouwkundig karakter. Daarom is de vergunningcheck in het Omgevingsloket op uw eigen adres altijd de laatste stap. Hoe de check werkt en wat de technische kant inhoudt, leest u in uitbouw of aanbouw zonder vergunning.
Zo meet u het zelf op
Pak de kadastrale kaart (via het Kadaster of de gemeente) of een bouwtekening en meet het achtererf: de breedte van het perceel keer de diepte van de tuin, plus het deel naast de woning dat niet aan openbaar gebied grenst. Trek het oppervlak van schuur, overkapping en eerdere uitbouwen eraf. Bij de opname meten wij dit na en nemen we het mee in de vergunningcheck, zodat de uitbouw in de offerte ook werkelijk mag.
- Breedte perceel × diepte achtertuin = achtererf (plus zijerf dat niet aan de straat grenst)
- Tel een eerdere uitbouw op bij het bebouwingsgebied én bij de bebouwing
- Trek schuur, carport, overkapping met dak en bijgebouwen af van wat u mag bebouwen
- Controleer monumentstatus en beschermd gezicht via de gemeente
- Doe de vergunningcheck in het Omgevingsloket met uw adres
Veelgestelde vragen
Telt mijn schuur mee voor het aantal m² dat ik mag uitbouwen?
Ja. Alle bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied tellen mee: schuur, garage, carport, overkapping met dak en eerdere uitbouwen. Een pergola zonder dak telt niet. Soms is het weghalen van een oude schuur de manier om een uitbouw van 4 meter mogelijk te maken.
Mag ik 30 m² uitbouwen zonder vergunning?
Dat hangt af van uw bebouwingsgebied. Bij een gebied van 100 m² mag u maximaal 50 m² bebouwen, inclusief schuur; 30 m² uitbouw past dan als de rest klein is. Bij een tuin van 50 m² mag u maar 25 m² bebouwen en past 30 m² niet. Reken het uit met de drie treden in dit artikel.
Hoe diep mag ik uitbouwen zonder vergunning?
Maximaal 4 meter vanaf de oorspronkelijke achtergevel, mits ook aan de andere voorwaarden is voldaan. Een eerdere uitbouw telt mee: stond er al 2 meter, dan mag u er nog 2 meter bij.
Geldt de rekenregel ook voor een aanbouw aan de zijkant?
Ja, dezelfde regel geldt voor alle bijbehorende bouwwerken in het achtererfgebied. Aan de zijkant komt daar de eis bij dat het bouwwerk minstens 1 meter achter de voorgevel begint en dat het zijerf niet aan openbaar gebied grenst; anders valt het buiten het vergunningvrije gebied.
Wat als het omgevingsplan van mijn gemeente strenger is?
Dan geldt het omgevingsplan. De landelijke vergunningvrije regels kunnen door een gemeente worden beperkt, vooral in beschermde gebieden. De vergunningcheck in het Omgevingsloket houdt daar rekening mee; bij twijfel kunt u een vooroverleg met de gemeente aanvragen.

